Hoe overleef je zo dicht bij de zee?

Het plantenleven op kwelders is uitbundig en divers. Er zijn veel verschillende soorten te ontdekken, de een nog mooier dan de andere. Maar hoe kan dat eigenlijk? Want de barre omstandigheden van het leven buitendijks lijkt nou niet echt vriendelijk voor een plant. De invloed van al dat zout kan toch niet goed zijn? Zout onttrekt immers vocht aan haar omgeving. Als je nagaat dat een liter zeewater ongeveer 35 gram zout bevat, dan lijkt een regelmatige overspoeling van de kwelders een ramp voor het aanwezige plantenleven. Maar ook hier heeft de natuur een ingenieus antwoord op gevonden. Planten op de kwelder hebben speciale technieken ontwikkeld, die het overtollige zout onschadelijk maken. Voor sommige planten is de zee zelfs cruciaal in hun voortbestaan; zeekraal en slijkgras zijn afhankelijk van de mineralen die dagelijks met het water worden meegevoerd. Het overtolllige zout wordt vakkundig verwerkt. Zeealsem, lamsoor en slijkgras werken het zout via piepkleine kliertjes in de bladeren naar buiten. Op een zomerse dag schitterende de zoutkristallen in het zonlicht. Andere planten slaan het zout in de onderste bladeren op, die na enige tijd sterven en afvallen. Zeekraal heeft haar eigen techniek. Door continu te groeien houdt ze het zoutvolume zorgvuldig in balans. Maar dit trucje werkt maar één keer; aan het einde van het seizoen sterft ze. Dankzij deze technieken hebben de zouttolerante planten (ook wel ‘halofyten’ genoemend) een belangrijk concurrentievoordeel ten opzichte van hun soortgenoten, die op de zilte grond geen schijn van kans hebben.

23 mei 2014 – 13:43 uur | Nikon D800E, Sigma 180mm Macro f/3.5 EX DG, f/5 en 1/320 sec. bij ISO 100 en -0.3LW